×

Welcome back! Whilst you were away we added the functionality to view auctions and bid in pounds.

We are hiring!

Stewart, Rod (370 items)

Standaard | Gerelateerd (9)

Thumb2_08119a00-4e36-012e-9bef-0050569439b1

  • Toevoegen Item aan catalogus
  • Bulk_add_button2

Stewart, Rod vinyl & cd's (361 geselecteerd van 370)

Roderick David (Rod) Stewart is een Britse rockzanger bekend om zijn rauwe bluesy stem. Hij wordt de witte met de zwarte stem genoemd of ook wel eens de laatste "song and dance man" vanwege zijn podiumpersoonlijkheid. Lees verder

1 2 3 ... 10 Volgende naar pagina:

Filter:
Icon-shop Te koop
Fotogalerij / Lijst / Vitrine
 
Afbeelding 1 | 2

Tip: wil je alle 361 items toevoegen, selecteer dan geen enkel item en klik op bulk toevoegen.

Stewart, Rod

Ebfef590-f3c3-11e4-868d-7ce1060a2d19
Volledige naam
Rod Stewart
Geboren
London , 10 januari 1945
Aantal items
370
Aantal curiosa items
Gerelateerd (9)
Oudste item
Little Miss Understood (1967)
Nieuwste item
Lust for Life 40 (2014)
Duurste item
Pop Kwartet (€ 60,00)

Roderick David (Rod) Stewart is een Britse rockzanger bekend om zijn rauwe bluesy stem. Hij wordt de witte met de zwarte stem genoemd of ook wel eens de laatste "song and dance man" vanwege zijn podiumpersoonlijkheid. Er zijn ruim 250 miljoen platen van hem verkocht.

Rod Stewart is CBE (Commander of the order of The British Empire), een onderscheiding die hij eind 2006 (New Year's Honours) kreeg uitgereikt door Elizabeth II vanwege zijn culturele en artistieke verdiensten voor het Verenigd Koninkrijk. Hij is ook opgenomen in de Rock & Roll Hall of Fame, als solist en (in 2012) als lid van zijn ex-band The Faces.

Op jonge leeftijd wilde Stewart voetballer worden en speelde enige tijd bij Brentford FC. Hij werkte onder meer als grafdelver, afrasteringenbouwer en bezorger. Begin jaren zestig begon zijn carrière in de muziek toen hij zich als straatmuzikant aansloot bij folkzanger Wizz Jones. Dit gezelschap reisde door Europa tot het in Spanje gearresteerd werden wegens landloperij en omdat de paspoorten van de leden verlopen waren. De muzikanten werden Spanje uitgezet en teruggestuurd naar Engeland.

Op het station van Twickenham werd hij ontdekt door Long John Baldry. Vanaf 1964 trad hij veel op met Shotgun Express, Steampacket, Long John Baldry, Julie Driscoll en Alexis Korner. Hij bleef relatief onbekend totdat hij zich in 1967 aansloot bij de Jeff Beck Group met virtuoos gitaarspeler Jeff Beck, bassist Ron Wood en drummers Aynsley Dunbar en Micky Waller.

In 1969 verliet hij de Jeff Beck Group om samen met Ron Wood over te stappen naar The Faces. Hij bracht in datzelfde jaar nog een soloalbum uit, "An Old Raincoat Won't Ever Let You Down" en met The Faces het album "First Step". In 1970 verscheen zijn tweede soloalbum "Gasoline Alley" en met The Faces "Long Player".

"Every Picture Tells a Story" uit 1971 betekende de echt grote doorbraak voor Rod Stewart en vanaf dat moment genoot hij internationale bekendheid. Toen het B-kantje "Maggie May" vaak op de radio werd gedraaid kreeg hij met het album en de single gelijktijdig een nummer 1 in de Verenigde Staten en in Groot-Brittannië, iets dat in de geschiedenis van de populaire muziek nooit eerder was voorgekomen en sindsdien nog door niemand is geëvenaard. Het album "Every Picture Tells A Story" is opgenomen in de befaamde Rock & Roll Hall of Fame en bekleedt daar de zeventiende plaats in de top 500 van albums die de meeste invloed en verandering hebben teweeggebracht in de twintigste eeuw.

"A Nod's As Good As A Wink To A Blind Horse", ook al uit 1971, bracht The Faces in deze tijd hun enige top 10-hit in de VS met het nummer "Stay with me". In 1972 verscheen "Never A Dull Moment", Stewarts vierde soloalbum. Samen met The Faces bracht hij ook nog eens "Ooh La La" uit waarop enkele nummers van de hand van Ronnie Lane. "Sing It Again", de verzamelaar uit 1973 had onvoldoende ruimte om alle hits van de vier eerste soloalbums te herbergen. The Faces brachten dat jaar ook een verzamelaar uit "Snakes And Ladders", waarop hun laatste nummer 1-hit in het Verenigd Koninkrijk, "Pool Hall Richard". Al waren ze de populairste liveband in het Verenigd Koninkrijk gingen ze in 1974 uit elkaar. "Cindy Incidentally" en "Pool Hall Richard" stonden er weken op de eerste plaats. In 1974 brachten The Faces ook nog "Coast To Coast-Averture and Beginners" uit, een livealbum.

1974 betekende voor Stewart ook zijn laatste soloalbum voor Mercury Records, het uit "Smiler" gesponnen lied "Farewell" was niet toevallig vermits Rod de grote stap over de Atlantische Oceaan reeds plande en zijn creatiefste periode uit zijn leven afsloot om te beginnen aan zijn "lucratiefste". Het grote geld ging nu pas komen. In 1975 werd de verzamelaar van The Faces "Snakes and Ladders" heruitgebracht in het zog van het succes van "Atlantic Crossings", het eerste soloalbum bij Warner Bros/Atlantic.

De albums "An Old Raincoat", "Gasoline Alley", "Never A Dull Moment", "Smiler", "A Nod's As Good As A Wink To A Blind Horse" en "Ooh La La" kunnen volgens Rolling Stone Magazine gezien worden als belangrijke rockalbums. Na de periode waarin Rod Stewart op zijn populairst was volgde, volgens de muziekpers wereldwijd, niet zijn creatiefste. Hij had intussen onderdak gevonden bij Warner Bros, Atlantic. Zijn contract hield in dat alle rechten op zijn songs totaal in eigen handen bleven. Warner streek enkel procenten op voor de verkoop van platen en niet voor auteursrechten, waardoor Warner zich dubbel zo hard inspande voor de promotie van zijn platen. "Sailing" uit Atlantic Crossings (1975), en "Tonight's The Night" uit A Night On The Town, dat zestien weken op nummer 1 stond in de Amerikaanse Billboard in 1976. Uit "Footloose And Fancy Free" (1977) stamt de rocker "Hot Legs".

Aan het eind van 1978 uit het album "Blonds Have More Fun" had hij nog een hit met het nummer "Do Ya Think I'm Sexy?", waarschijnlijk het meest verguisde nummer uit zijn carrière, dat een nummer 1-hit werd over de hele wereld. Het bracht Stewart echter financieel niets op. Alle rechten werden geschonken aan het kinderfonds van Unicef.

1980 bracht nog het album "Foolish Behaviour", 1981 "Tonight I'm Your's" en in 1982 het dubbele livealbum "Absolutely Live" waar hij Tina Turner opnieuw aan het grote publiek voorstelde. Het optreden in de L.A.Forum bezorgde Tina Turner de start van haar comeback en bevestigde Rod Stewart als een van de grootste rockperformers aller tijden. Uit de tachtiger jaren dateren nog de albums "Body Wishes", 1983, "Camouflage", 1985, en "Every Beat Of My Heart", 1986, "Out Of Order", 1988, waarin hij weer helemaal terug was met de hit Infatuation. 1989 bracht de vierdelige verzamelaar "Storyteller".

Daarna nam zijn productiviteit wat af en stond hij meer bekend als rockster dan om zijn muzikale talent. Uit die periode kwamen twee rocksongs, "Hot Legs" en "Foolish Behaviour" en "I Was Only Joking", een zelfreflectie met de nodige humor en emotie.

In 1993 nam hij samen met Sting en Bryan Adams de hit "All for Love" op voor de film "The Three Musketeers". Dit werd door sommige fans als een groter dieptepunt dan "Do Ya Think I'm Sexy" in zijn carrière gezien.

Rod Stewart gaf in 1994 een gratis concert op het strand van Copacabana, dat meer dan 3,5 miljoen bezoekers trok. Dit werd vermeld in het Guinness Book of Records. Er moet bij worden gezegd dat het ook Oudejaarsavond was en alle mensen die op het strand aanwezig waren en feestvierden werden meegeteld.

"Unplugged And Seated" bewees in 1995 nogmaals het livetalent van Rod Stewart die een eerlijke traan niet schuwde als hij de cover van Van Morrison, "Have I Told You Lately" aan zijn toenmalige echtgenote Rachel Hunter opdroeg.

In 2002 keerde Rod terug in de top van de albumlijsten met "It Had To Be You", een verzameling van oude klassiekers van Cole Porter tot Nat King Cole uit de jaren '20 en '30 . De verkoop staat op 4.200.000 exemplaren, wat een unicum is in de jaren van downloaden. Eind 2003 keerde hij terug met het album "As Time Goes By" waarmee hij de tweede plaats bezette in de Amerikaanse en de Canadese en de eerste in de Australische albumhitlijst in november 2003.

2004 luidde voor Rod Stewart financieel het succesvolste jaar in zijn carrière tot nu toe in. Hij ging op tournee in de Verenigde Staten en Canada met een volledig uitverkochte stadiontournee die liep van januari tot augustus, getiteld "From Maggy May to the Great American Songbook". De show bestond uit twee delen: een eerste deel van goed anderhalf uur rock en afsluitend een half uur Amerikaanse klassiekers. Rod kreeg voor iedere avond, gemiddeld 22 avonden per maand en dit voor acht maanden, een miljoen Amerikaanse dollar binnen. Na de tour ging Stewart samen met Ronnie Wood de studio in voor de afwerking van hun album "You'll Strut, I'll Sing".

19 oktober 2004 verscheen de derde en laatste in de serie "Great American Songbooks", genaamd "Stardust", dat meteen doorstootte naar de nummer 1-positie in de Amerikaanse albumcharts. Gasten zijn onder andere Eric Clapton, Stevie Wonder en Dolly Parton. Er zijn nog twee Songbook-albums, een Greatest Rock Songs en een Soulbook-album verschenen. In 2011 tekent Stewart bij UMG Universal Music Group om opnieuw een zelfgeschreven album uit te brengen in de loop van 2012 (Merry Christmas, Baby). Dit zou hem terug op het goede spoor moeten gaan brengen en Stewart weer artistiek relevant maken.

In 2013 en 2014 gaat hij opnieuw op wereldtournee en in 2014 neemt hij voor het eerst deel aan het internationaal songfestival van Viña del Mar in Chili, het meest prestigieuze songfestival van Latijns-Amerika.

Rod Stewart trouwde driemaal en had verscheidene relaties. Vijf verschillende vrouwen kregen in totaal acht kinderen van hem.

Rod Stewart solo en vooral Rod Stewart samen met de Faces wordt door vele artiesten als hun grote voorbeeld genoemd, zoals o.a. Alanis Morissette, The Black Crowes, Stereophonics, Pearl Jam (die zelfs enkele riffs van de Faces geleend hebben) tot zelfs Rage Against The Machine.

Paul Cook en Steve Jones van de Sex Pistols hebben jaren na hun punkglorie toegegeven dat het nummer "Pool Hall Richard" (1973) van de hand van Rod Stewart en Ron Wood voor hun de eerste echte Britse punk-song was, de tekst "Bang go the Queen, she's so obscene, her hands are dirty but her image clean, Pool Hall Richard, kid you're wicked, we now!" zegt genoeg.

Rod Stewart zelf is een groot bewonderaar van zanger en acteur Elvis Presley. Hij zei eens: "Elvis was en is nog steeds The King en zal dat altijd blijven, dat staat buiten kijf. Mensen als ikzelf, Mick Jagger en al die anderen volgden hem alleen in zijn voetsporen." Tot zijn grote voorbeelden behoren tevens Sam Cooke, Otis Redding en Aretha Franklin van wie hij "Natural Woman" bewerkte tot "Natural Man" voor zijn in 1974 verschenen album Smiler.

Invoerdatum
06-05-2015 07:45:53
Ingevoerd door
Humphrey56